Voor zichzelf begonnen

Vandaag reikt David Wilkerson naar het hoogste in zijn vakgebied, de overredingskunst: andere christelijke predikers verwijten de Bijbel slordig te lezen en praatjes voor de vaak te houden in een betoog waarin hijzelf de Bijbel slordig leest en praatjes voor de vaak houdt.

Iedere vakman, daarin verschilt een zielenherder niet van een meubelmaker, probeert zijn vak boeiend te houden, zichzelf nieuwe uitdagingen te stellen. Lukt het Wilkerson ook dit keer zijn volgelingen mee te krijgen?!

Met zijn aanhoudend hameren op een geloofshouding van onmiddellijke gehoorzaamheid legde Wilkerson de afgelopen decennia een stevige basis voor zijn retorische machtsgreep vandaag. Toch wil men eerst zien alvorens te geloven: You can fool some people some of the time, but you cannot fool all of the people all of the time!

you can’t fool mom!

Geloofwaardigheid

Wees niet te haastig met je woorden en doe God niet overijld met heel je hart geloften. Want God is in de hemel en jij bent op aarde, dus moet je spaarzaam met je woorden zijn. Drukte leidt tot dromerij en veel praten tot gebazel.  Wanneer je God toch een gelofte doet, los die dan ook spoedig in. God is niet gesteld op dwazen. Los dus je geloften in. Je kunt beter geen gelofte doen dan een gedane gelofte niet inlossen. Sta je mond geen loze, zondige geloften toe en zeg niet naderhand tegen de priester dat ze een vergissing waren. Wil je soms dat God zich kwaad maakt over dergelijk gepraat en moet hij wat je hebt bereikt te gronde richten? Dromerij en lege woorden zijn er al genoeg. Dus heb ontzag voor God”    Prediker 5: 1 – 6

Wees zorgvuldig met het doen van beloften aan God en houd je eraan, aldus Prediker. Handel met overleg en omschrijf je toezegging bondig (‘spaarzaam’) en helder.

Wilkersons meesterproef
Deze duidelijke tekst maakt David Wilkerson mistig in zijn ‘overdenking’ van vandaag. Voor ik zijn meesterproef samen met u bewonder, wijs ik op twee constanten in het werk van deze productieve Christelijke schrijver.

Christenvriend
David Wilkerson laat zich vaak geringschattend uit over medechristenen. Mogelijk is dit een onderdeel van zijn succesvolle aanpak. Onzekere Christenen vinden een vluchthaven bij deze man die het allemaal lijkt te weten. Mogelijk genieten zij heimelijk van zijn kastijdingen: een terechte straf voor hun zondige twijfel.

Ook in zijn Prediker-overdenking vandaag neemt Wilkerson de gelegenheid te baat uit te halen naar medechristenen, in het bijzonder hun gebedsleven:

Met het oog op collega’s (“Al het getuigen, evangeliseren en werken in de wereld kan een mens niet verexcuseren van“) merkt hij, tot slot, op:

Op de troon van God
Tweede constante in zijn prediking is het soms op de troon van God klimmen. Ook in zijn Prediker-overdenking vandaag kan hij het niet laten, hoewel hij een zeker voorbehoud als schaamlapje voor zijn blasfemie houdt:

  • “Ik vraag me serieus af of dit nooit gaat vervelen voor God?”
  • “Zou Hij verlangen naar meer intelligente en bondige gebeden en verzoeken?”

De meesterproef
Nadat hij zich op de troon gezet heeft, vaardigt Wilkerson zijn voorschriften voor het correct Christelijk gebed uit. Wilkerson doet hierbij alsof Prediker het over gebeden in plaats van beloften heeft. Is dit al een kunststukje, om nog meer eer in te leggen met zijn redenaarstalenten geeft Wilkerson aansluitend tegenstrijdige gebedsvoorschriften (!). Allen de allersterksten weten hun gehoor te bedotten waar het bij staat!

Een goed gebed, volgens Wilkerson:

  • geeft een intelligente, beknopte samenvating van iemands behoeften
  • is een oprechte aanbidding zonder enige bijbedoeling

Deze combinatie van eisen is onmogelijk te vervullen. Neem “God, ik sterf van de honger! Een korst brood, alstublieft!”. Wie kan met droge ogen beweren dat van deze beknopte verwoording van een behoefte geen appel uitgaat?

Later introduceert Wilkerson een tweede bron van onzuiverheid: het nut van bidden. Bidden wapent tegen de altijd maar aanvallende duivel:
Ware mannen en vrouwen van God voelen zich te zwak om de vijand te confronteren zonder dagelijks, aanhoudend gebed“.
Zie hoe Wilkerson hier weer een jijbak jegens medechristenen door zijn tekst vlecht!

Om het gebed zuiver te houden kan men zich maar het beste onthouden van ieder verzoek en zich beperken tot aanbidding.

Dat is ook om een andere reden verstandige keus. Wilkerson schrijft namelijk ook passiviteit in het gebed voor. Compacte verwoording en (al dan niet) uitspreken van behoeften zijn beide irrelevant. In het gebed wordt je gedaan: je vleselijke ziel wordt bewerkt.

Stenen voor brood
Wilkerson is helaas onmachtig de kracht en vreugde van het Christelijk geloofsleven over het voetlicht te brengen (zie ook hier). Zijn doodse, archaïsche taal en abstracte beeldspraak raken niet aan de menselijke ervaring. Waar intimiteit, intensiteit en inspiratie op zijn plaats zijn en mogen worden verwacht, volgt een greep in de Bijbelse citatentrommel.

tv-predikant die het grotendeels afkan
zonder abstracte of archaïsche beeldspraak

Zo omschrijft Wilkerson aanbidding vandaag bijvoorbeeld als:

Je sluit je op…er wordt dan iets gedaan…Iedereen die op het moment dat hij/zij dit leest nog niet in slaap is gevallen, denkt: deze man weet niet waarover hij het heeft. Daarom is het voorwerk, het masseren van je gehoor, voor een vaardig overtuiger ook zo belangrijk!

De meesterproef op een rij
Samengevat:

  • Wilkerson leest de tekst van Prediker 5 slordig en betrekt het bij een discussie over het gebed, waarin hij anderen verwijt de Bijbel slordig te lezen!
  • Wilkerson geeft op de troon van God voorschriften voor het gebed en verwijt andere Christenen hoogmoed!
  • Wilkerson spreekt in archaïsche bijbeltaal en abstracte beeldspraak over zaken waarmee hij geen ervaring heeft en verwijt anderen niet bondig te zijn en met cliché’s te komen!

Geef toe, een sterke kandidaat!

Advertenties

The URI to TrackBack this entry is: https://hogerhoning.wordpress.com/2009/07/30/voor-zichzelf-begonnen/trackback/

%d bloggers liken dit: