Holle vaten

David Wilkerson doet een niet geslaagde poging zichzelf als nederig woordvoerder Gods voor te stellen.

“Holle vaten klinken het hardst”. De collectieve ervaringskennis van een volk komt tot klinken in deze vijf woorden. De betekenis: mensen met de minste kennis van zaken verkondigen vaak het luidruchtigst hun mening.

Holle vaten klinken het hardst

Ook de Bijbel bevat uitspraken die, in bewerkte vorm, de status van spreekwoord hebben bereikt, bijvoorbeeld Mattheus 7:

[Oordeel niet, opdat er niet over jullie geoordeeld wordt. Want op grond van het oordeel dat je velt, zal er over je geoordeeld worden, en met de maat waarmee je meet, zal jou de maat genomen worden.] Waarom kijk je naar de splinter in het oog van je broeder of zuster, terwijl je de balk in je eigen oog niet opmerkt? Hoe kun je tegen hen zeggen: “Laat mij de splinter uit je oog verwijderen,” zolang je nog een balk in je eigen oog hebt? Huichelaar, verwijder eerst de balk uit je eigen oog, pas dan zul je scherp genoeg zien om de splinter uit het oog van je broeder of zuster te verwijderen.

Onverdraagzaamheid
Aan beide spreekwoorden moest ik denken toen ik vandaag de column van David Wilkerson las. Wilkerson is een Amerikaans prediker uit de charismatische hoek die doorlopend schermt met “God zei me zus en God zei me zo”. Een weinig uitnodigende manier van het gesprek aangaan maar misschien wil Wilkerson dat ook niet.

Bij wie zo hoog inzet, is enig mogelijk tegenbod óók zeggen contact met God te hebben, alleen – daarover is geen discussie mogelijk – zegt God tegen jou andere dingen.

Doe je zoiets niet, dan lijkt van mening verschillen met Wilkerson meteen op God willen trotseren.

Veracht en onbeduidend
Vaak genoeg is Wilkersons betoog zo zwak, dat zelfs mensen zonder kritische zin niet overtuigd worden. Kwetsbaar voor zijn boodschap blijven ontwortelde mensen in een grenssituatie: gescheiden mannen, in de maatschappij terugkerende gedetineerden zonder werk en netwerk, mensen met een moeilijke persoonlijkheidsstructuur en daardoor maatschappelijk geïsoleerd.

Dan kan het gebeuren dat zij toevallig een column van Wilkerson lezen, bijvoorbeeld die van vandaag, en als door de bliksem getroffen stokken. Wat lezen ze: zwakte en onaanzienlijkheid zijn een verdienste! Wat een geweldige opsteker / laatste strohalm:

Wauw! Als er iets is dat mij beschrijft is dit het wel! Een zwakke! Een dwaas! Een veracht en onbeduidend persoon! Iemand die niet heel nobel, slim of machtig is!

Natuurlijk zijn deze woorden uit de mond van Wilkerson onwaarachtig. Hij wordt niet veracht en heeft geen lage maatschappelijk positie. Hij runt, samen met zijn zoon, een kerk in New York, leidt diverse organisaties en heeft enkele bestsellers op zijn naam, waarvan minstens een verfilmd.

Ik weet niet hoeveel inkomsten David Wilkerson zichzelf gunt, en je kunt twisten over wat ‘succes’ is (succes in de wereld, succes voor God), maar genoemde feiten wettigen niet de zelfomschrijving ‘veracht persoon’ – en misschien ook niet die van ‘niet heel machtig’.

Maar ondanks hun onwaarachtigheid bereiken zulke woorden arme sloebers en onmogelijke karakters. Honger maakt rauwe bonen zoet.

Het succes van Wilkersons woorden heeft echter een prijs:

  • soms banale mededelingen van God: ‘God heeft alles onder controle’
  • onverdraagzaamheid, alwetendheid
  • vergezochte interpretaties van Bijbelteksten; de Bijbel als dekmantel voor persoonlijke meningen
  • een God die zichzelf tegenspreekt en namens Wie wankele redeneringen aan het papier worden toevertrouwd, waarvan de zwakte met (pijnlijk) gemak aan te tonen is
  • toevoeging van woorden/meningen aan de Bijbel/God die niet in de overgeleverde tekst te vinden zijn

Voor de ondersteuning van deze beweringen verwijs ik naar de afleveringen van dit blog.

Daarbij is Wilkerson ijdel, een wijdverbreide en zeer wendbare ondeugd (ook je ijdelheid verwensen kan ijdel gedrag zijn), die mensen soms voortstuwt tot grootse prestaties ten behoeve van de mensheid. Maar daarvan is bij Wilkerson geen sprake.

Die ijdelheid treedt bij Wilkerson aan de dag in zijn vervolg op bovenstaand bezingen van zijn zwakheid:

Wat een dwaasheid om te denken dat God een dergelijk mens kan gebruiken! Maar toch is dat Zijn perfecte plan en het grootste mysterie op aarde. God roept ons temidden van onze zwakheden, zelfs wanneer Hij weet dat we het verkeerd zouden aanpakken. Hij legt zijn kostbare schat in deze aarden vaten, omdat Hij zich verheugt in het doen van het onmogelijke met niets.

Wilkerson is in elk geval een uitverkoren zwakke…

Nergens in de Bijbel is te lezen dat God “zich verheugt in het doen van het onmogelijke met niets”.

Ook op een andere manier zet Wilkerson Gods Woord naar zijn hand. Volgens hem gebruikt God ‘zwakke’ mensen:
(1) om ‘sterke’ mensen in hun hemd te zetten (en geeft deze opvatting steun uit de Bijbel, 1 Korintiërs 1:26-29)
(2) omdat Hij het uitdagender vindt om met ‘zwakke’ in plaats van ‘sterke’ mensen te werken.

Zo spreekt God zichzelf tegen… Ook al zou het niet uitdagender zijn met ‘zwakke’ mensen te werken, dan nog zou God – om de eerste reden – niet met sterke mensen willen werken.

Ook kan men zich afvragen wat voor een almachtige God een uitdaging kan zijn. Alles gaat God gemakkelijk af, hoewel, toegegeven, Hij na zes dagen schepping rust nam.

Maar allereerst is Wilkersons voorstelling van zaken feitelijk onjuist. Hoezo zou God alleen maatschappelijk onbeduidende mensen gebruiken om de spot te drijven met de kracht van de mens en te lachen om onze ‘egoïstische‘ (? – bedoeld wordt ‘op eigen kracht’) pogingen om goed te zijn? Abraham was geen arme sloeber, David, Jozef en Salomo geen kleine jongens.

Met zulke opmerkingen sterkt Wilkerson het vooroordeel van Christendom als religie voor slechtweggekomenen. Dat mag voor zijn gemeente het geval zijn, niet alle Christenen zijn zo.

Advertenties

The URI to TrackBack this entry is: https://hogerhoning.wordpress.com/2009/09/13/holle-vaten/trackback/

%d bloggers liken dit: