Eeuwige rust

Een keizer heerst onbedreigd over een wereldrijk. Hij heeft het eeuwige leven, geen troonpretendenten en is zo overduidelijk oppermachtig dat geen sterveling ook maar op het idee komt hem naar de kroon te steken.

Maar toch is de Keizer een slappeling. Het geneuzel en gemekker van zijn onderdanen, dat zelfs in het best geregeerde keizerrijk niet ontbreekt en soms zelfs gevolg daarvan is, laat hij ongemoeid.

De Keizer heeft de eeuwigheid en neemt die. Wat is hier aan de hand?

Zijn onderdanen smeken en bidden of hij zijn keizerlijke macht wil aanwenden om in te grijpen in kwesties van belangrijk geneuzel.

De Keizer vertikt het.

De onderdanen breken zich het hoofd over hoe de grote baas tot actie te bewegen: “Als de Keizer het ijzeren gordijn in Europa kan neerhalen en het bamboegordijn in Azië, dan kan niets hem stoppen om te doen wat hij wil“.

Meer geneuzel. Hoe krijgen ze hem zo ver? Men belegt een topgeneuzel. Iemand ziet het licht:

  • alle onderdanen moeten smeken en bidden en de Keizer met briefjes bestoken. Keizer, daar en daar is actie nodig!
  • af en toe wijst de Keizer dan een enkele onderdaan aan en laat hem/haar in actie komen.

De ontsluieraar van het geheim kan zijn vreugde niet op: De waarheid is dat onze verzoeken worden gebruikt om onderdanen op pad te sturen!

Overdreven blijdschap om zo’n nietige actie? Ach! Het werkelijke geheim, de ongeschreven wet van de omgang van Keizer en onderdanen, is dat alles bij het oude blijft. Een ideaal evenwicht:

  • De onderdaan hoeft niet na te denken
  • De Keizer hoeft niet te handelen
  • Alle tijd voor geneuzel

Tot de dood hen haalt.

Advertenties

The URI to TrackBack this entry is: https://hogerhoning.wordpress.com/2010/03/09/eeuwige-rust/trackback/

%d bloggers liken dit: