Bewust willoos

Moeheid, rust, God – wat betekent het allemaal? Waarheid is, beweert men. Maar wat is ‘is’ nu weer?

Is alles zo onuitsprekelijk ingewikkeld? Welnee! David Wilkerson stelt zich graag een beetje aan.

Wat kan ‘Christelijke sabbatsrust’ betekenen, vraagt hij zich vandaag af (met grenzeloze minachting voor de auteur van Hebreeën, uit wiens lange betoog hij twee zinnen plukt en ermee aan de haal gaat).

“Iets met rust”, zou ik melig souffleren, ware het niet dat ik niet van de meligheid ben.

Maar het hoeft ook niet. Na een wanhoopskreet (“Ik bid dat God de schellen van onze ogen zal verwijderen en ons zal toestaan om dit te grijpen“) vervolgt Wilkerson doodleuk: “Simpel gezegd betekent het…“.

Daarna wartaal. Helaas. Wilkerson’s ‘kennis’ of kunstje’ is misbruik van werkwoorden. De tijdelijke verwarring die dit bij de lezer tot gevolg heeft, buit hij leep uit. Simpele zielen misverstaan het gemakkelijk voor diepzinnigheid. En Wilkerson is vertrokken voor het dagen kan. Als het al daagt. Sommigen vinden het religieus aanvoelen.

Wilkerson gelooft in de kracht van werkwoorden uitspreken op een bepaalde manier: heel erg gemeend. Als je God overtuigt van de ernst waarmee je dat doet, vaart Hij in je en neemt het over. En dat is het doel: overname van lichaam en ziel, ontleging van je ‘zelf’, bevrijding en rust in God’s sterke armen!

Om God te overtuigen, moet je zelf overtuigd zijn. En dat is het probleem. Kun je wartaal wel ‘heel erg menen’?

Berustte Wilkerson’s geloof maar op simpele werkwoorden als ‘fietsen’ en ‘wandelen’! Die verwijzen naar praktijken. De correcte uitvoering daarvan is door iedereen eenvoudig vast te stellen.

De werkwoorden van het geloof verwijzen echter naar mentale handelingen: ‘geloven’, ‘vertrouwen’, ‘willen’. Niet alleen spreekt Wilkerson zulke werkwoorden apart uit, hij gebruikt ze ook incorrect.

Alsof het performatieve werkwoorden zijn. “Ik arresteer u in naam der wet” is een voorbeeld. Het uitspreken door een agent bekrachtigt en voltrekt wat het zegt. Of neem de ambtenaar van de burgerlijke stand die tijdens een huwelijksplechtigheid zegt “Hierbij verbind ik u in de echt”.

Wilkerson doet alsof het uitspreken/denken van ‘ik vertrouw’ en ‘ik geloof’ vergelijkbaars in het religieuze voltrekt. ‘Ik vertrouw dat Jezus het verlossende werk voor mij gedaan heeft‘ voltrekt echter niets. Het is een uitspraak als ‘Ik vertrouw dat de aarde plat is’.

De performatieve toverkracht van agent en ambtenaar gaat terug op hun functie en is beperkt tot handelingen die bij hun functie horen. De overtuiging dat wat je uitspreekt om die reden waar is of wordt, is ten prooi vallen aan kinderlijk, magisch, wensdenken.

Het is niet mogelijk met een machtswoord je eigen geloof te versterken.

Niettemin eindigt Wilkerson’s column met een staaltje van zulk woordgeloof:

We moeten een beslissing nemen: “Ik wil Christus in mijn leven. Ik wil vrijgezet worden van al het vlees. (..). Ik wil dat Jezus mijn alles is, mijn enige bron van voldoening“.

‘Wil’ gerust nog een tijdje door. Het is kul. Maar dat is de pijnlijke waarheid van uw leven – u wilt er niet mee beginnen. Bangerik.

Advertenties

The URI to TrackBack this entry is: https://hogerhoning.wordpress.com/2010/05/04/bewust-willoos/trackback/

%d bloggers liken dit: