Geef me drie, geef me twee gelovigen

God is een lamme Goedzak met een grens: als niemand meer naar Hem luistert, treedt Hij op, op de van Hem uit de Bijbel bekende wijze. Twee gelovigen per natie is het minst.

Het Joodse volk heeft in de historie meerdere morele dieptepunten gekend, waarin God gedwongen werd handelend op te treden, onder andere ten tijde van Jeremia:

Zwerf door de straten van Jeruzalem,
vraag na, kijk om je heen,
zoek op de pleinen of er iemand is
die rechtvaardig handelt,
die naar eerlijkheid streeft,
dan zal ik Jeruzalem vergeven
.

Het gebeurde niet en de gevolgen zijn bekend. Ook in de resulterende Babylonische ballingschap was het onder het Joodse volk zoeken met een lantaarntje naar een gelovige.

Gelukkig werd die gevonden in de persoon van Daniël. Heel belangrijk hierbij, merkt David Wilkerson, Goddeskundige, op: Daniël hield een Bijbelboek in zijn hand. Minstens zo belangrijk, waag ik aan te vullen, was wat Daniël deed:

In het eerste jaar nadat Darius, zoon van Xerxes en Mediër van geboorte, tot koning was gekroond over het rijk van de Chaldeeën, in het eerste jaar van zijn koningschap, leidde ik, Daniël, uit de boeken af hoeveel jaren het zou duren voordat de puinhopen van Jeruzalem verdwenen zouden zijn. Zoals de HEER aan de profeet Jeremia had gezegd, waren dat er zeventig.

Daniël puzzelde op God’s voorspellingen, precies zoals David Wilkerson met succes heeft gedaan.

Maar Daniël deed meer dan studeren. Het besef van de verdorvenheid van zijn landgenoten, het indalen van de gruwelijke waarheid over de situatie van de natie, deed hem zich overgeven aan gebed, smeekbeden, vasten en rouw:

Ik wendde mij tot God, de Heer, en gaf me over aan gebed en smeekbeden, al vastend en rouwend.

Zoals Wilkerson opmerkt – en de oplettende lezer ontgaat niet hoezeer de man Gods zich met Daniël identificeert:

Daniel wist dat Gods volk er niet klaar voor was om Zijn herstel te ontvangen. Maar bekritiseerde Daniel zijn naasten vanwege hun zonden? Nee – Daniel identificeerde zichzelf met het morele verval om hem heen.

Vervolgens snijdt Wilkerson nogal in het Bijbels gebed/geweeklaag van Daniël. Intact gelaten:

Heer, grote en geduchte God, die zijn beloften nakomt en trouw is aan wie hem liefhebben en doen wat hij gebiedt; wij hebben gezondigd en ons misdragen.

Wij zijn slecht en opstandig geweest, wij zijn van uw geboden en regels afgeweken en wij hebben niet geluisterd naar uw dienaren, de profeten, die in uw naam tot onze koningen, onze vorsten, onze oudsten en tot het hele volk gesproken hebben. 

U, Heer, staat in uw recht, maar tot op deze dag staat de schaamte ons op het gezicht, ons, de mannen van Juda, de inwoners van Jeruzalem, alle Israëlieten, of ze nu dichtbij zijn of ver weg, in alle landen waarheen u hen hebt verdreven vanwege hun ontrouw jegens u. 

HEER, ons en onze koningen, onze vorsten en onze oudsten staat de schaamte op het gezicht, omdat wij tegen u gezondigd hebben. De Heer, onze God, is vol erbarmen en vergeving, hoewel wij tegen hem in opstand zijn gekomen en niet hebben geluisterd naar de HEER, onze God.

We hebben de lessen die hij ons door zijn dienaren, de profeten, heeft laten leren in de wind geslagen. Alle Israëlieten hebben uw wet overtreden, zijn daarvan afgeweken en hebben niet naar u geluisterd. De met een eed bekrachtigde vervloekingen die opgetekend staan in de wet van Mozes, de dienaar van God, zijn over ons uitgestort, want wij hebben tegen u gezondigd.

God heeft groot onheil over ons gebracht en het dreigement uitgevoerd dat hij tegen ons en onze leiders had geuit; in de hele wereld is nog niet gebeurd wat Jeruzalem is overkomen. Het kwaad dat over ons gekomen is, staat al beschreven in de wet van Mozes, en toch hebben wij de HEER, onze God, niet gunstig gestemd door afstand te nemen van onze overtredingen en uw waarheid in acht te nemen. 

Welbewust bracht de HEER onheil over ons, want de HEER, onze God, is rechtvaardig in alles wat hij doet, maar wij hebben niet naar hem geluisterd.

Daniël neemt een loopje met de feiten en schrijft de oudsten schaamrood toe dat ze niet hebben, alles om God over de streep te trekken.

Wilkerson meent dat God gespannen wacht op opstijgende gebeden, om in actie te kunnen komen:

God verlangt er ontzettend naar om Zijn volk vandaag de dag te zegenen.

en

Hij zoekt trouwe dienaren die bereid zijn om op de bressen te staan, werken die alleen volbracht kunnen worden door gebed.

Maar bidden of klaarstaan met een geopende Bijbel, rouwen of vasten, is natuurlijk toch onvoldoende om God te vermurwen. Wilkerson lijkt zich haast te schamen voor Gods en zijn hameren op een correcte levenswandel.

Niettemin, kritisch zelfonderzoek is nodig, ter meerdere glorie van God, onszelf, ons gezin en de Verenigde Staten van Amerika:

We zouden onze eigen wandel met de Heer onderzoeken en de Heilige Geest ons de gebieden laten aanwijzen waarin we in een compromis leven. We zouden meer doen dan bidden voor een afvallige natie. We zouden het uitroepen “O Heer, doorzoek mijn hart, belicht elk gebied waar de geest van de wereld mijn ziel is binnengeslopen”. Net als Daniel, zouden we ons aangezicht richten tot de Heer in gebed voor de bevrijding van onze families – onze natie.

David Wilkerson is onze Daniël. Laat hem er niet alleen voor staan. Bevrijdt de Verenigde Staten. Drie ware gelovigen slechts. Twee dan.

U?

Advertenties

The URI to TrackBack this entry is: https://hogerhoning.wordpress.com/2010/07/07/geef-me-twee-gelovigen/trackback/

%d bloggers liken dit: