David Wilkerson diep door het stof

David Wilkerson is een van de vele gelovigen die door de eeuwen heen het einde der tijden hebben aangezegd. Alleen hij leeft nog. Vandaag doet hij een opmerkelijke openbare schuldbelijdenis: ‘Ik had dit niet mogen doen’. Beroering in de charismatische beweging.

Vorig jaar zegde David Wilkerson, voor de tweede keer in zijn le- ven, het einde der tijden aan. Het zou, zoals te doen gebruikelijk, met veel vernietiging gepaard gaan.

Vervolgens begon het wachten. In het begin met veel vertrouwen. Was de openbaring waarin David toegesproken werd niet over- tuigend geweest? Had David niet zijn hele leven God gediend en Zijn stem gehoord? Was hij al niet eerder aangewezen voor deze taak?

En inderdaad, er is geen enkele reden om op zijn aanzegging terug te komen. Het einde is nabij, het oordeel komt. Toch wekte David enigszins de indruk dat het einde behoorlijk nabij was, en wel in de tijd van leven van zijn lezers en toehoorders.

Misschien daarom bekent Wilkerson vandaag schuld. Hoewel, een echte schuldbekentenis is het niet, daarvoor ontbreekt het woord ‘IK’ te vaak.

Als dominee is Wilkerson een man van het meervoud, van WIJ. Een ‘wij’ met interne geleding. Hoewel we allemaal schapen zijn, zijn sommigen ook herder.

Was Wilkerson een man van het IK geweest, dan had hij geschre- ven:

Niets menselijks is mij vreemd. Ook ik ken het verlangen naar macht of, in mijn geval, de behoefte bijzonder te zijn, uitverkoren: aankondiger van God’s Laatste Oor- deel, tot twee keer toe! Ik, lieve volgelingen, waande me de juiste man op de juiste plek!

In plaats daarvan pakt hij een bijbeltekst (“Zij die bijeengekomen waren [de discipelen], vroegen hem: ‘Heer, gaat u dan binnen af- zienbare tijd het koningschap over Israël herstellen?”), schrijft Jezus’ discipelen en ons zijn aandriften (als schaap) toe en is zelf herder:

We weten dat Jezus moest afrekenen met de begeerte naar leiderschap en autoriteit in een aantal van Zijn discipelen. Maar ik proef in hun vraag iets dat verder strekt dan een dorst naar een hoge plaats en macht. Het spreekt over een menselijke behoefte om deel uit te maken van een grote en definitieve bestemming! Het was een verlangen om speciaal te zijn – om de juiste mensen op het juiste moment te zijn!

Wilkerson onderscheidt daarbij niet goed tussen het verlangen naar een vervuld, zinvol leven (zoals heidense humanisten dat noemen) en het verlangen groots en bijzonder in de ogen van anderen en jezelf te zijn (“hoge plaats”, “verlangen om speciaal te zijn”).

Wilkerson is nu eenmaal geen man met een sterk ontwikkeld introspectief vermogen. Daarvoor is hij teveel op anderen gericht.

Wilkerson’s feitelijke schuldbekentenis:

En dit veroordeelt mij ten diepste! Net zoals zoveel anderen vandaag de dag wil ik weten waar we nu staan op Gods grote profetische klok. Staan we op het punt om de grote verdrukking in te gaan? Verzamelt God op dit moment een laatste rest van gelovigen?

Met andere woorden: het einde is nabij maar vanuit een vurig ge- loof kunnen Wilkerson en anderen niet wachten tot het begint en willen ook weten waar precies in het proces we zijn. Met hun ma- gische voorspellingen proberen ze het einde over ons af te roepen, als het ware.

Ik ben bereid veel te vergeven. Maar laat Wilkerson minstens er- kennen dat hij althans deze keer niet door de Heilige Geest werd ingefluisterd. Het was natuurlijk geen kleine fout. Maar alleen kleine fouten erkennen zou Wilkerson niet tot de grote roerganger maken die hij blijkens zijn dagelijkse overdenkingen moet zijn.

Advertenties

The URI to TrackBack this entry is: https://hogerhoning.wordpress.com/2010/12/08/david-wilkerson-diep-door-het-stof/trackback/

%d bloggers liken dit: