Hoe pleit u zich volledig vrij van een betichting van zonde?

David Wilkerson leert hoe u zich overtuigend kunt vrijpleiten van de beschuldiging van zonde. 

Kritiseert u met donder uit de hemel?!

Beticht van zonde kunt u zich als volgt vrijpleiten:

  1. Zorg voor een sluitend alibi. Van lustvolle handelingen (hoerenbezoek, masturbatie, uw blik laten dwalen over het lichaam van een andere man of vrouw dan uw wettige partner) kan geen bewijs worden gevonden. Geestelijke zonden (verlangens, intenties, gedachten) zijn moeilijker te bewijzen maar ook lastiger te weerleggen. Het volgende is gedeeltelijke oplossing:
  2. Onder de hersenscanner bent u niet te betrappen op lustvolle gedachten, verlangens etc. Weliswaar vereist deze methode uitlokking en staat het middel, volgens velen, in geen verhouding tot de aard van de zonde maar dat is pragmatisch gedacht. Desondanks is mij (nog) geen toepassing van de hersenscan in kerkgenootschappen bekend. Zie verder 3 en 4.
  3. Verkeert u in zuiver Christelijke kringen dan is afdoende verweer voor uzelf en tegen anderen te verklaren: ik heb geen aanvechtingen van het vlees, de geest van lust en ontucht is mij niet bekend. Zie ook 4.
  4. Zorg voor een zuiver hart en pure bedoelingen. Als u preekt of beleert, dan doet u dat niet vanuit de aanmatiging dat u onberispelijk bent. U vermoedt de balk in uw ogen. Als u toch beleert of kritiseert, probeert u niet bij de ander in de smaak te vallen of deze via trucjes te overtuigen. U berispt met zuivere donder uit de hemel.

De Bijbelse basis voor dit antwoord is de volgende passage:

U weet zelf, broeders en zusters, dat ons bezoek aan u niet tevergeefs is geweest. Ondanks de mishandelingen en beledigingen die wij, zoals u bekend is, in Filippi te verduren hadden, vonden we in vertrouwen op onze God de moed u bekend te maken met zijn evangelie. Daarvoor hebben we ons tot het uiterste ingespannen.

Onze oproep berust niet op een dwaling, op oneerlijkheid of bedrog. Wij spreken alleen omdat God ons daartoe waardig heeft gekeurd en ons het evangelie heeft toevertrouwd – niet om mensen te behagen, maar God, die de mensen doorgrondt.  

U weet dat we u nooit naar de mond hebben gepraat en dat onze woorden nooit een dekmantel voor hebzucht waren. God is onze getuige.

We hebben ook niet geprobeerd de gunst van mensen af te dwingen, niet bij u en niet bij anderen. Hoewel we ons als apostelen van Christus hadden kunnen laten gelden, zijn we u tegemoet getreden met de tederheid van een voedster die haar kinderen koestert. In die gezindheid, vol liefde voor u, waren we niet alleen bereid u te laten delen in Gods evangelie, maar ook in ons eigen leven. Zo dierbaar was u ons geworden.

U herinnert u, broeders en zusters, hoe we ons hebben ingezet en ingespannen, hoe we dag en nacht hebben gewerkt om niemand van u tot last te zijn. Op die manier hebben we u het evangelie van God verkondigd. U kunt getuigen, en God zelf, hoe toegewijd, hoe oprecht en zuiver we bij u, die tot geloof gekomen bent, hebben geleefd. U weet dat we voor ieder van u waren als een vader voor zijn kinderen. We hebben u aangespoord en bemoedigd en u op het hart gedrukt zo te leven dat u God eer bewijst.

David Wilkerson heeft bovenstaande interpretatie opgetekend. Zoals u ziet, verzuimde hij een vijfde verschoningscriterium:

5. Roep God als getuige aan.

Wilkerson focust nogal op wellust (criterium 2 en 3). Ik heb het hier gehoorzaam overgenomen maar het stemt niet overeen met de vertaling “hebzucht” in mijn Bijbel. En ook in de NBG-vertaling van 1951 (“baatzuchtig voorwendsel”) of de eerbiedwaardige Statenvertaling (“gierigheid”) of de herziene Statenvertaling (“hebzucht”) komt wellust niet voor (check het hier).

Mogelijk is wellustigheid een persoonlijke (zuivere) preoccupatie van Wilkerson, zoals ook zijn gehele analyse – uit zijn nalatenschap, dus mogelijk niet bedoeld voor publicatie – te lezen is als pleitrede tegen de aanzwellende kritiek op zijn herhaaldelijk aankondigen van het einde van de wereld (daarover concreet worden, is normaliter ‘not done’ in Christelijke kring).

“Ik”, is David Wilkerson zo te begrijpen, “deed het met de zuiverste bedoelingen en donder uit de hemel”. We moeten hem op zijn woord geloven (criterium 3), bij gebrek aan bewijs en een hersenscan.

P.S: de beheerders van de nalatenschap hebben, meen ik, een denkfout gemaakt. Gisteren publiceerden zij Wilkerson’s column “De kracht van een onberispelijk leven”. En dan vandaag “Wat is een onberispelijk leven?”? De volgorde had mijns inziens andersom gemoeten, eerst een vraag en dan uitbouwen van het zegevierend antwoord. Ook had men dan een zesde criterium om de eigen onschuld te bewijzen kunnen toevoegen, helaas nog niet met een hersenscan te bevestigen:

6. Heb het juiste motief: bewogenheid met de Naam en glorie
    van Jezus en een alles verterend verlangen om die Naam
    eer aan te doen. U kunt dan niet zondigen, in geest noch
    lichaam, en anderen met een zuiver gemoed terechtwijzen.

Advertenties

The URI to TrackBack this entry is: https://hogerhoning.wordpress.com/2011/09/08/hoe-pleit-u-zich-volledig-vrij-van-een-zonde-betichting/trackback/

%d bloggers liken dit: