Geen loopschoen

Goede schoenen lijken in het geloof enorm belangrijk. Kies het juiste, bij u en uw situatie passende paar.

Maar hoe doe je dat? Een veel gegeven antwoord: door goed te kijken naar uw voet en hoe u die neerzet, en vervolgens een schoen te kiezen die uw situatie optimaal ondersteunt.

Voor mensen nieuw op dit terrein de volgende wenken:

1. Ga naar een speciaalzaak

De meeste gelovigen gaan naar hun kerk of ontmoetingsruimte. Ervaren hardlopers nemen hun oude schoenen mee. De kenner kan daar veel aan aflezen over voettype en loopstijl.

In de meeste gevallen wordt een opname gemaakt van de gelovige, terwijl hij of zij een stukje rent.

2. Laat uw afwikkelprofiel vaststellen

Op basis van het proefstukje op de loopband wordt vastgesteld hoe u uw voet neerzet. De meeste mensen behoren tot een van drie categorieën:

  • Neutraal: men zet de voet neer op de buitenkant van de hiel. Een natuurlijke afwikkeling.
  • Overpronatie: men raakt de grond met de binnenkant van de voet. Dit leidt tot specifieke slijtage.
  • Oversupinatie: men raakt de grond hoofdzakelijk met de zijkant van de voet. Zoolslijtage aan de buitenzijde van de hiel is het gevolg (de achilleshiel van uw geloof loopt gevaar).

3. Laat uw voettype bepalen

De meeste voorgangers onderscheiden drie typen voet. Ze hangen rechtstreeks samen met de hiervoor geschetste loopstijl:

  • Normale voet: geen bijzonderheden.
  • Platvoet: de voetzool laat op de grond een grote, brede afdruk achter.
  • Holvoet: men ziet bij de afdruk vooral de buitenkant van de zool.

4. Kies een bij de voet passende schoen

Eigenaars tonen u waarschijnlijk verschillende paren mogelijke schoenen. Veel gelovige mensen menen zelf te kunnen beoordelen welke schoen het lekkerst zit. Zij leggen hierbij doorgaans, al dan niet bewust, de volgende criteria aan:

  • Fixeert de schoen de hiel stevig? Een soepele hielkap is ideaal. De voldoende soepele bovenkant oefent geen druk uit op de twijfelgevoelige achillespees.
  • Absorbeert de schoen schokken voldoende? Een schokabsorberende zool is hier onmisbaar. Een goede zool is zacht maar niet te zacht, want dat gaat ten koste van de geloofsstabiliteit.
  • Staat de schoen mij toe geloofsbochten te nemen? Is dit belangrijkste voor betrokkene, dan komt hij/zij al gauw uit op een schoen met brede zool. Deze springt aan de zijkanten licht uit en geeft meer stabiliteit bij het nemen van bochten.
  • Buigt de schoen voldoende met mij mee? Een buigzame zool voldoet het best aan dit vereiste.

Aldus de praktijk. Maar raad ik u dit nu aan? Helemaal niet! De redeneerwijze getuigt van een perfide verwatenheid, die veel gelovigen in het verderf heeft gestort!

Ex-prediker David Wilkerson prikt het sprookje onovertroffen door:

Toen Jezus aan het kruis ging kruisigde Hij de “oude mens” van het vlees. Er is nog maar één Mens over, maar één iemand met Wie God nog te maken heeft – en dat is Zijn Zoon.

Vergeet loopschoenen! Geloof draait om rennen naar Jezus, de enige die God ziet staan, in een behoorlijk tempo, aldus Wilkerson opnieuw:

Ziet u hoe belangrijk het is om snel naar Christus te rennen wanneer u faalt? U moet leren om naar Hem te rennen.

Verdere Bijbelse ondersteuning voor dit anti-schoenenstandpunt (voor zover het gaat om naar de Heer toe rennen) is misschien te vinden in het volgende voorbeeld:

Een vrouw die in de stad bekendstond als zondares had gehoord dat hij bij de farizeeër thuis zou eten, en ze ging naar het huis met een albasten flesje met geurige olie. Ze ging achter Jezus staan, aan het voeteneinde van het aanligbed; ze huilde en zijn voeten werden nat door haar tranen. Ze droogde ze met haar haar, kuste ze en wreef ze in met de olie.

Toen de farizeeër die hem had uitgenodigd dit zag, zei hij bij zichzelf: Als hij een profeet was, zou hij weten wie de vrouw is die hem aanraakt, dat ze een zondares is. Maar Jezus zei tegen hem: ‘Simon, ik heb je iets te zeggen.’ ‘Meester, spreek!’ zei hij. (..) 

‘Zie je deze vrouw? Ik ben in jouw huis te gast, en je hebt me geen water voor mijn voeten gegeven; maar zij heeft met haar tranen mijn voeten natgemaakt en ze met haar haar afgedroogd. Je hebt me niet begroet met een kus; maar zij heeft, sinds ik hier binnenkwam, onophoudelijk mijn voeten gekust. Je hebt mijn hoofd niet met olie ingewreven; maar zij heeft met geurige olie mijn voeten ingewreven.’

Advertenties

The URI to TrackBack this entry is: https://hogerhoning.wordpress.com/2012/01/30/geen-loopschoen/trackback/

%d bloggers liken dit: