Laatste oordeel

Meer dan eens verzuchtte ik, bij het vernemen van het leed dat de chronisch ongelukkige David Wilkerson zichzelf en zijn gelijkgestemde volgelingen aandoet: “Zoek bijstand!”. Vooral wanneer Wilkerson wéér als oplossing aandroeg wat alle schijn had de oorzaak van de misère te zijn: zijn eigenzinnige geloofsopvatting.

“Hoe vervelend voor je partner, kinderen, vrienden en collega’s dat je hun gezelschap van nul en generlei waarde acht!” hield ik hem, in bedekte termen, voor.

Het is bekend dat depressieve patiënten belastend zijn voor hun omgeving. Sommige beseffen dat ook, wat tot meer zelfbeschuldiging leiden kan. Maar daarvan heb ik bij David Wilkerson nooit iets gemerkt.

Meer dan eens ben ik ingegaan op Wilkersons gewoonte uit het heden weg te vluchten, vooruit naar een zegenrijke toekomst of terug naar een opgehemeld Bijbels verleden. Ik deed dat o.a. in oktober en mei 2010:

De bijna tachtigjarige Wilkerson zou zijn zwakke reputatie in het waarmaken van beweringen flink opvijzelen door vanaf nu nog slechts de voorbeelden – en vooral: ervaringen – van tijdgenoten te gebruiken.

Simpel Christelijk leven van alledag. Geen theorie en toekomstvoorspellingen in de trant: als je zus en zo doet, wacht je wat moois! Niet: David, Jacob of een andere Bijbelse Held deed zus of zo en zie wat de Bijbeltekst zegt dat gebeurde. Nee, de ervaringen van Truus en Mien in de Derde de Riemerstraat driehoog achter.

Daaraan schort het bij Wilkerson, aan levend, vruchtdragend geloof. Ook vandaag spreekt hij over morgen en gisteren:

Het beste zou nog zijn, als Wilkerson zich vanaf nu beperkt tot wat hij heeft meegemaakt in de tachtig jaar van zijn leven tot nu toe.

Blijf niet tot op de laatste dag in de toekomst leven!

Daarom was ik verrast toen David Wilkerson zich eind oktober opwierp als kampioen van het heden.

De meeste van ons zijn nog steeds domme schepsels die op zoek zijn naar vervulling in de toekomst.

Ach, daar begon het al. Wilkerson veralgemeniseert zijn aandoening tot de gehele Christenheid en slaat op karakteristieke wijze door. Hij verwart zijn onvermogen met het talent van sommige mensen om onmiddellijke bevrediging uit te stellen ten behoeve van een lange termijndoel. Met deze laatste kwaliteit onderscheidt de mens zich, volgens velen, van het dier. Is Wilkerson voor de kezende aap en tegen zuinigheid en sparen?

onmiddellijke behoeftenbevrediging en uitstel
zijn bij de schildpad moeilijk te onderscheiden

Daarna vertelt Wilkerson een persoonlijke anekdote:

Onlang liep ik in m’n eentje in de heuvels van Pennsylvania en God sprak tot mijn hart over deze zelfde vraag “David, wat is het waar je op wacht? Waarom is dit niet de beste dag van je leven? Waarom kun je nu niet vervuld en vreugdevol zijn?

Ach, daar ging het verder. Wilkerson beantwoordt niet Gods retorische vraag maar richt zich doodleuk tot de lezer – alsof iemand ooit een prediker gelooft die niet praktizeert wat hij predikt:

Ik wil u vragen, waar wacht u eigenlijk op? (..) U moet uw bevrijding, vrede, hoop en vreugde NU vinden! Jezus is de enige die deze leegte kan opvullen. Wordt wakker en leef!

David! Je bent tachtig! Kijk me aan en antwoord: wat heb je ervan terechtgebracht? Ik zal het je zeggen: God heeft je de kans geboden maar je hebt hem voorbij laten gaan. Nooit zul je meer wakker worden.

Gepubliceerd on 04/11/2010 at 23:40  Geef een reactie  

The URI to TrackBack this entry is: https://hogerhoning.wordpress.com/vonnis/trackback/

%d bloggers liken dit: